Helmond - Begraafeiland familie Wesselman

Geschreven door Rindert Brouwer op . Gepost in Noord-Brabant

 

Het begraafeiland met poort en zicht op de grafkelder'Helmond kiek noar oe eige' was eens het motto op een Open Monumentendag, waarbij het organiserend comité een speciale fietsroute had uitgezet langs verschillende karakteristieke punten in de stad Helmond. Daarbij werden onder andere het kasteel van Helmond en de begraafplaats van de familie Wesselman op een eilandje in park de Warande aangedaan. Het lag in de bedoeling van de organisatie de bezoekers een kijkje te gunnen op het begraafeiland door het openen van de poort. Helaas was het slot vastgeroest, maar door de lage waterstand konden veel bezoekers toch de oversteek naar het eiland maken. Dat is nu niet meer mogelijk. In 2002 werd het begraafeiland helemaal opgeknapt, werd de grafkelder herontdekt en werden veel tot dan toe onbekende gegevens over de begraafplaats en zijn ‘bewoners’ bekend. Maar om vandalisme tegen te gaan, werd toen ook de gracht rond het eilandje uitgediept en de dam naar het eiland verwijderd zodat men de begraafplaats alleen nog met een uitneembare brug of met een bootje kan betreden.

Familie Wesselman

Tussen het genoemde kasteel en de begraafplaats in de Warande bestaat een nauwe band. Het kasteel uit 1402 wisselde diverse malen van eigenaar. Omdat hij in Zwitserland woonde en niets met Helmond en het kasteel had, verkocht Nicolaas Anthonius, graaf van Arberg in 1781 het kasteel voor 155.000 gulden aan Carel Frederik Wesselman. Deze was geboren in 1746 in Beekbergen, werd eerst essayeur (keurmeester) en later muntmeester te Utrecht. Met het kasteel kocht hij ook de vele rechten en bezittingen die aan het kasteel verbonden waren. Nadat de Wesselmannen ook nog in de adelstand waren verheven, werden zij als jonkheren van Helmond invloedrijke personen in de stad. Het park en bosgebied de Warande behoorde tot de privégrond van de familie en werd gebruikt als jachtgebied. In 1815 kreeg Carel Frederik Wesselman van de provincie Noord-Brabant toestemming om Het hekwerk op de dam tussen hardstenen pijlersop eigen grond in ‘het Park of Warande te Helmond eene particuliere familiebegraafplaats te doen vervaardigen’. Midden in het park werd in een bestaande vijver een heuvelachtig eilandje aangelegd, bereikbaar via een dam en afgesloten met een ijzeren poort. Op de zuilen van het hek staan de woorden Rust-Plaats. Het was in de tijd van de Romantiek, waarin de natuur geromantiseerd werd en filosoof Jean-Jacques Rousseau (1712-1778) zich als eerste in de natuur, op een eilandje in Ermenonville, liet begraven.

Grafeiland

Aan de overkant van de gracht sluit een gietijzeren poort de toegang naar de begraafplaats af, waarop zich een grafkelder en negen grafzerken bevinden. Onder de zerken liggen elf leden van de familie Wesselman begraven.

Zerk voor Carel Frederik I en zijn echtgenoteOp het grafeiland werd als eerste Anna Sibilla Wilhelmina Plencker (1740-1817) begraven, de echtgenote van de eerste kasteelheer. Acht jaar later volgde Carel Frederik Wesselman Heer van Helmond (1746-1825) zelf; hun namen staan op één zerk.

Heel aandoenlijk liggen drie kleine zerkjes van drie dochtertjes van Carel Frederik Wesselman II (1780-1853) en zijn vrouw Elisabeth Maria Spoor (1788-1841) tussen de grote grafstenen. Eene dochter dood geboren staat op twee van die zerkjes, het derde meisje, Elisabeth Maria, heeft slechts acht maanden geleefd.

De zerk voor Carel Frederik IV en zijn echtgenote op de Hervormde begraafplaats aan de MolenstraatDe laatste begrafenis op het eiland vond plaats in 1955, toen de laatste kasteelvrouwe, douairière Anna Maria de Jonge van Zwijnsbergen (1858-1955) werd bijgezet bij haar man Carel Frederik Wesselman, de vierde heer van Helmond (1859-1918). In 1971 werd het echtpaar Wesselman echter op verzoek van hun dochters herbegraven op de Hervormde begraafplaats aan de Molenstraat in Helmond.

Grafkelder

Aanvankelijk werd begraven in aparte graven, maar in 1860 werd op het grafeiland een grafkelder gebouwd. Tegelijk met de bouw van de kelder werd ook een ontwerp gemaakt voor de beplanting van het eiland en de omgeving. Terwijl de beplanting in de omgeving zeer gevarieerd werd aangelegd, bleef deze op de begraafplaats beperkt tot een treuresp, twee treurpopulieren, twee treuressen, een treurbeuk, twee treuracacia’s, een treurlinde en twee cipressen.

De grafkelder was oorspronkelijk afgesloten met een ijzeren deur, maar toen in 1959 de deur door vandalisme werd vernield, liet de familie de toegang dichtmetselen en overdekken met een zandheuvel.

De grafkelderIn 2002 werd de dichtgemetselde toegang geopend. Er bleken tot grote verrassing van de onderzoekers aan de zijkanten vijftien afsluitstenen te zijn, waarachter nog eens elf leden van de familie Wesselman en zes leden van de aangetrouwde familie Carp waren bijgezet. Daarmee werd een behoorlijk hiaat in de geschiedenis gedicht. De oudste afsluitsteen dateert uit 1865 en de jongste uit 1918. De leden van de familie Carp waren nakomelingen van Jacob Arnoud Carp (1809-1895), echtgenoot van Anna Wilhelmina Wesselman van Helmond en de grondlegger van J.A. Carp’s Garenfabrieken.

De weg naar de grafkelder met links de trap naar de grafheuvelIn de opening naar de kelder werd een fraai hekwerk geplaatst. Vanaf de poort werd naar de grafkelder een toegangspad aangelegd en er werd een trap gemaakt naar de grafheuvel.

Gemeentelijk monument

Douairière Anna Maria Emilia Arnoldina de Jonge van Zwijnsbergen (1858-1955) verkocht in 1921 het kasteel en in 1929 de Warande minus het dodeneilandje aan de gemeente met de opdracht het park toegankelijk te maken voor het publiek.

Om de door de gemeente in rekening gebrachte jaarlijkse onderhoudskosten te besparen, schonken de beide dochters van Carel Frederik IV en bovengenoemde douairière op 16 januari 1975 de begraafplaats aan de gemeente. Voorwaarde was wel dat de begraafplaats in stand zou worden gehouden zolang er kinderen van jonkheer Carel Frederik Wesselman IV van Helmond in leven waren. Deze voorwaarde verviel toen beide dochters, jonkvrouwe Emilie Susanna Maria en jonkvrouwe Elisabeth Margaretha Maria, in 1987 overleden. Beiden maakten geen gebruik van het recht daar begraven te worden.

In 1987 werd het eilandje gesloten voor begraven. In hetzelfde jaar werd de begraafplaats een gemeentelijk monument. (2014)

 

Praktische informatie:

Adres: Warande ongenummerd

Openingstijden: alleen toegankelijk bij excursies.

 

Literatuur:

  • Heck, Judith van: Jonkheren begraven op eilandje in Helmondse Warande, in: Eindhovens Dagblad 23.12.1995, rubriek Landmerk
  • Oldenburger-Ebbers, Carla S., Anne Mieke Backer & Eric Blok: Gids voor de Nederlandse Tuin- en Landschapsarchitectuur. Deel 4 - Zuid: Zeeland, Noord-Brabant, Limburg (Rotterdam 2000)
  • Regionaal Historisch Centrum Eindhoven

 

Foto’s: Jeannette Goudsmit en Rindert Brouwer

Dit artikel werd eerder gepubliceerd in het boekje Funeraire Cultuur, Regio Eindhoven, 2003. Het artikel is voor Dodenakkers.nl bijgewerkt en geactualiseerd.

Beeldbank

Tijdelijk niet beschikbaar

  • Begraafplaatsen
  • WO II
  • Crematoria

 

Foreign section

Contact

E: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.